Papa met een stomazakje

Toen ik in 2019 mijn ileostoma kreeg, was mijn oudste zoon net één jaar oud. Mijn tweede zoon moest zelfs nog geboren worden. Inmiddels zijn mijn kinderen geboren in 2018 en 2020, en eigenlijk weten ze niet beter dan dat hun papa een stoma heeft. Voor hen is het heel normaal dat ik af en toe naar het ziekenhuis moet of dat ik op de bank zit terwijl mijn stoma vrolijk begint te pruttelen. Niemand die daar raar van opkijkt. Het hoort er gewoon bij.

Maar dat ging niet helemaal vanzelf. Van het begin af aan heb ik geprobeerd om er open over te zijn. Ik heb mijn kinderen uitgelegd dat papa een zakje op zijn buik heeft en waarom dat zo is. Tegelijkertijd vertel ik er ook bij dat dit niet de normaalste gang van zaken is. Niet iedere papa heeft een stomazakje. Het is belangrijk dat ze begrijpen dat mijn situatie een beetje anders is, zonder dat het meteen iets spannends of engs wordt.

Dat levert soms ook hele grappige momenten op.

Zo herinner ik me nog goed dat ik mijn oudste zoon een keer achterstevoren op de wc zag zitten om te poepen. Hij had goed opgelet, want zo zit papa namelijk ook altijd op de wc als hij zijn stomazakje leegt. Op dat moment moest ik natuurlijk ontzettend lachen. Maar het was ook meteen een mooi moment om uit te leggen dat als je géén stoma hebt, je gewoon normaal op de toiletpot gaat zitten. Kinderen kijken nu eenmaal goed naar wat hun ouders doen.

Wat ik in de loop der jaren heb gemerkt, is hoe belangrijk het is om je kinderen bij dit soort dingen te betrekken. Ze zijn dan ook altijd nieuwsgierig als ik mijn stomazakje aan het vervangen ben. Ze komen gerust even kijken en stellen vragen. En het mooie is: ze vinden het helemaal niet raar of vies. Nou ja… behalve soms de geur dan. Maar verder? Voor hen is het gewoon iets wat bij papa hoort.

Mijn kinderen groeien namelijk op zonder taboe rondom een stoma. Maar eigenlijk ook zonder taboe rondom het hele onderwerp poep en plas. Natuurlijk mogen daar grapjes over gemaakt worden – laten we eerlijk zijn, dat hoort ook een beetje bij kinderen – maar ze kunnen er ook gewoon normaal over praten. En dat is eigenlijk een les die ieder kind wel mag meekrijgen.

Juist daarom heb ik een aantal jaren geleden een avonturenboek geschreven over de superheld Stomy. Ik vind het belangrijk dat kinderen kennis kunnen maken met een stoma, zonder dat het meteen een ingewikkelde medische uitleg wordt. In het boek is Stomy een klein figuurtje dat eruitziet als een stoma met armpjes en beentjes. Hij beleeft allerlei avonturen en laat kinderen spelenderwijs kennismaken met het idee van een stoma.

Het boek legt dus niet letterlijk uit wat een stoma is. Maar ik weet bijna zeker wat er gebeurt als kinderen het lezen en de plaatjes bekijken. Op een gegeven moment komt die ene vraag vanzelf:

“Wat is een stoma eigenlijk?”

En dat is precies het moment waarop een gesprek kan beginnen. Een mooier begin om over een stoma te praten is er bijna niet.

In de afgelopen jaren heb ik al ontzettend veel gesprekken met kinderen gehad over mijn stoma. En wat me elke keer weer opvalt, is dat kinderen het eigenlijk vooral interessant vinden. Ze stellen vragen, luisteren naar het antwoord en gaan daarna weer vrolijk verder met spelen.

Misschien kunnen wij volwassenen daar nog wel iets van leren. Soms maken wij dingen ingewikkelder of spannender dan ze eigenlijk zijn. Terwijl kinderen laten zien dat openheid en eerlijkheid vaak al genoeg zijn.

Voor mijn kinderen ben ik gewoon papa.

Een papa met een stomazakje. En dat is helemaal oké.

Ricardo