Terwijl ik deze blog schrijf, zitten we met de caravan ergens in Nederland. Buiten tikt de regen inmiddels al urenlang op het dak — gezellig voor de één, reden tot lichte campingfrustratie voor de ander. Ik zit ondertussen met een kop thee na te denken over vakanties van vroeger. Over hoe “gewoon” reizen ooit voelde. En over hoeveel er veranderde toen ik een ileostoma kreeg.
Vroeger was op vakantie gaan voor mij simpel: kleding inpakken, een belachelijke hoeveelheid laxeermiddelen meenemen vanwege mijn onbehandelbare obstipatie… en gaan. Al was dat “gaan” niet altijd zo ontspannen als het klonk. Op vakantie had ik vaak extra last van verstoppingen door ander eten, warmte en een ander ritme. En eerlijk is eerlijk: er waren ook behoorlijk wat ongemakkelijke momenten en ongelukjes waar ik op dat moment echt verdrietig van werd.
Toch hield ik enorm van reizen. Voor mijn ileostoma trok ik met een backpack door Azië. Geen luxe resorts of all-inclusive buffetten voor mij — ik wilde juist zo lokaal mogelijk leven. Slapen in simpele guesthouses, eten op straat, reizen met gammele busjes waarvan je je achteraf afvroeg hoe ze überhaupt ooit door de APK kwamen. Juist dát vond ik geweldig.
Toen, negen jaar geleden, kreeg ik mijn ileostoma. En natuurlijk wilde ik niets liever dan weer backpacken in Azië. Maar deze keer voelde het anders. Mijn hoofd zei: “Dat kan best.” Mijn gevoel zei vooral: “Ben je helemaal gek geworden?”
Met een high output stoma leek backpacken ineens een stuk risicovoller. Hygiëne, voedselbereiding, extreme warmte… in mijn hoofd zag ik mezelf al uitdrogen en met een buikvirus ergens in een ziekenhuisbed in India liggen. En geloof me: na één ziekenhuiservaring in India heb je voorlopig genoeg avontuur gehad voor de rest van je leven.
Daarnaast was er nog iets waar ik totaal niet over had nagedacht voordat ik een stoma kreeg: de hoeveelheid materiaal die mee moet. Ik ben namelijk nogal een grootverbruiker. Per dag reken ik op twee stomazakjes voor overdag, één nachtzak, meerdere pastaringen, gaasjes, stomapoeder, lijmverwijderaar en afvalzakjes. Mijn halve backpack zou al gevuld zijn voordat ik überhaupt een schoon shirt had ingepakt.
Normaal gesproken ben ik niet iemand die zich snel laat tegenhouden door praktische obstakels. Maar dit keer lagen mijn gevoel en mijn gedachten mijlenver uit elkaar. En toen ik zes jaar geleden ook nog chronisch ziek werd, wist ik dat backpacken zoals vroeger simpelweg geen optie meer was.
Maar ja… stilzitten past ook niet echt bij mij.
Dus gingen we nadenken over alternatieven. Vakantiehuisjes waren een fijne tussenoplossing. Met de auto kon ik zoveel stomamateriaal meenemen als ik wilde, zonder dat ik hoefde te kiezen tussen extra kleding of extra stomazakjes. Toch voelde het niet helemaal als ónze manier van reizen.
Tot het idee kwam: een camper of een caravan.
We kozen uiteindelijk voor een caravan, maar ik had wel een paar duidelijke eisen. Het badkamertje moest groot genoeg zijn om mijn stoma goed te kunnen verzorgen. Daarnaast wilde ik voldoende opbergruimte voor extra beddengoed, matrasbeschermers én natuurlijk een flinke voorraad stomamateriaal. Want geloof me: niets geeft meer rust dan weten dat je genoeg spullen bij je hebt.
En eerlijk? Het campingleven bevalt ons verrassend goed.
Mijn stomaroutine op vakantie is eigenlijk bijna hetzelfde als thuis. ’s Ochtends douche ik zonder stomazakje. Overdag leeg ik mijn stoma gewoon op het toilet van de camping en ’s nachts gebruik ik het chemisch toilet in de caravan. In het begin was het nog even zoeken naar de juiste houding boven zo’n klein toiletje maar inmiddels heb ik ontdekt dat staand legen voor mij het makkelijkst werkt.
Op vakantie gaan met een stoma hoeft absoluut geen belemmering te zijn. Maar het is wel iets waar iedereen op zijn eigen manier mee omgaat. Zeker wanneer je net een stoma hebt gekregen, kost het tijd om vertrouwen op te bouwen. Je moet ontdekken hoe je lichaam reageert op ander eten, warmte, een ander dagritme en het legen in openbare toiletten. Zelfs onderweg een stomazakje vervangen kan in het begin spannend voelen.
Daarom is mijn belangrijkste advies: volg vooral je eigen gevoel. Doe dingen waar jij je prettig bij voelt en bouw het stap voor stap op. Informeer bij reisorganisaties naar mogelijkheden voor extra medische bagage, praat met lotgenoten en wees niet bang om vragen te stellen.
Want uiteindelijk is dát voor mij het allerbelangrijkste geworden: dat mijn stoma mij niet tegenhoudt om te blijven reizen, nieuwe plekken te ontdekken en leuke dingen te ondernemen.
En eerlijk? Reizen door Europa met de caravan heeft ons laten zien hoe mooi dichtbij eigenlijk kan zijn. Van kleine campings midden in de natuur tot wakker worden met uitzicht op bergen, zee of een rustig Nederlands weiland — avontuur hoeft niet altijd aan de andere kant van de wereld te liggen. Soms zit het gewoon in de vrijheid om te kunnen gaan, mét stoma en al.
Tot de volgende blog !
Sanne

NL